G e n d e r s t i c h t i n g

Groter Lettertype

A+ | A- | Reset

Fotogalerij

chatten en e- mailen

chat - en
e-mailaanbod

Tips bij journalistiek

leidraad
voor journalisten

transseksualiteit PDF Afdrukken E-mail
Wednesday, 25 April 2007

Een transseksueel persoon is iemand die zich psychisch, sociaal en seksueel beleeft als behorende tot de andere sekse en er in feite van overtuigd is in een - wat het geslacht betreft - verkeerd lichaam te huizen. Deze innerlijke tegenstrijdigheid heeft een levensgroot identiteitsprobleem tot gevolg, wat een enorme weerslag heeft op het individueel en sociaal functioneren van de persoon in kwestie. Er bestaat een dringend verlangen naar hormonale, operatieve en zo mogelijk ook een legale geslachtsaanpassing en er is een grote afkeer van de bij het eigen biologische geslacht behorende geslachtsorganen en secundaire geslachtskenmerken' (Winkler Prins encyclopedie).


We kunnen stellen dat het nadeel van het woord "transseksualiteit" berust op het feit dat het gemakkelijk verward wordt met seksuele variatievormen. Het is van belang om hier het onderscheid te maken tussen seks en sekse. Transseksualiteit heeft op zich weinig met seksualiteit te maken en dit wordt maar al te vaak verkeerd voorgesteld. Bij transseksualiteit gaat het om het aanvoelen van een fundamenteel verschil tussen het lichamelijke (sekse) en het geestelijke geslacht (gender).

De term transseksualiteit is echter nog steeds de meest bekende en gangbare term. Minder stigmatiserend kunnen we spreken over ernstige genderklachten. Beide termen worden in deze tekst dan ook door elkaar gebruikt (zie ook genderdiversiteit).

De misvattingen over transseksualiteit zijn talrijk. Jammer genoeg niet alleen bij het grote publiek, maar ook in de medische en sociale hulpverlening.

Dana International wint het Eurovisie songfestiavl in 1998 en zorgt voor heel wat aandacht voor het thema transseksualiteitDe transseksuele mens is iemand die zichzelf belééft als een persoon van het andere geslacht. Hierover is geen discussie mogelijk. Het fundamentele verschil met de cross-dresser en de transgenderist is dat de transseksueel zijn/haar identiteit beleeft als volledig in tegenstelling met het lichamelijk geslacht. Hij/Zij is ervan overtuigd dat het lichaam niet met de geest overeenstemt en wenst via chirurgisch ingrijpen een volledige aanpassing van het lichaam.

Transseksualiteit wordt ook vaak verward met seksuele voorkeur of seksuele afwijkingen. Transseksuele personen kùnnen homoseksueel gericht zijn, maar kunnen evenzeer heteroseksueel gericht zijn (dit in functie van de psychologische geslachtsovertuiging). Met seksuele afwijkingen (perversiteiten) heeft het evenmin iets te maken, transseksualiteit is een kwestie van identiteit.

Het verschil tussen transseksualiteit en interseks condities is eveneens duidelijk. Bij interseksualiteit is sprake van aangeboren lichamelijke tweeslachtigheid of onduidelijk genitalieën. Bij interseksualiteit zijn er duidelijke aantoonbare chromosomale of hormonale oorzaken. Bij transseksualiteit niet. Bij interseksualiteit kan er sprake zijn van ernstige genderklachten, meestal echter niet.

Hoe vaak komt transseksualiteit voor?

Transseksualiteit is een vrij zeldzaam probleem. Wanneer we de literatuur er op nagaan blijkt dat ramingen uiteen lopen. Cijfers voor België zijn er pas sinds 2003 en hebben het over één op 16.500 transseksuele vrouwen (degenen die biologisch als "man" geboren zijn) en één op 40.000 transseksuele mannen (die biologisch als "vrouw" geboren zijn) (cijfers genderteam UGent).

Uit recentere publicaties (2007) blijkt een veel hoger cijfer. De prevalentie van Transseksualiteit wordt op 1 op 1000 geraamd. Zie hiervoor het onderzoek van Prof. Dr. Lynne Conway en Prof. Dr. Femke Olyslager

Oorzaken van transseksualiteit.

Het genderidentiteistgevoel wordt o.a. mede bepaald door neurobiologische processenEr bestaat nog steeds onduidelijkheid rond mogelijke oorzaken van transseksualiteit. Vanuit diverse terreinen van de wetenschap werden reeds verklaringen aangereikt. Er is de neurologie die reeds geconstateerd heeft dat een kern in de hypothalamus wel eens mede aan de basis zou kunnen liggen van deze genderklachten. Er is ook vanuit diverse psychologische denkrichtingen reeds onderzocht wat er allemaal fout kan gaan in de vroegkinderlijke ontwikkeling van een individu.

Toch is geen enkele wetenschappelijke discipline er vooralsnog in geslaagd een sluitend antwoord te geven op de vraag naar het ontstaan van het verschijnsel. Er is wel meer en meer een consensus rond de multicausaliteit van de thematiek. Hieronder verstaat men dat meerdere factoren, zowel biologische, als ontwikkelingspsychologische, maar ook relationele en sociale aspecten, wellicht samen aan de basis liggen van en kunnen leiden tot het ontstaan en het verder bestendigen van ernstige genderklachten of transseksualiteit.

De kern van de transseksuele beleving is het zich "gevangen" voelen in het lichaam van de verkeerde sekse.De vraag die een transseksueel persoon aan de hulpverlening stelt is de aanpassing van het lichaam aan de geest. Hierop kan reeds vanuit de huidige wetenschappelijke kennis een bevredigend antwoord worden gegeven. De geneeskunde stelt ons technisch in staat via hormoonpreparaten en chirurgische ingrepen het lichaam aan te passen aan de eigen zijnswijze van de persoon in kwestie. Daarnaast wordt voorzien in begeleiding en ondersteuning voor de betrokkene en zijn/haar nabije omgeving, zowel voor, tijdens als na de behandeling.


De transseksuele mens kan dus geholpen worden, hoewel het mysterie rond zijn/haar "anders zijn" onopgelost blijft. De genderidentiteit is immers niet iets wat op een wetenschappelijke manier te vatten is, maar behoort wel tot de eigenheid van het menselijk bestaan.

In haar proefschrift stelt E. WASSENNAAR: "transseksuele personen kunnen zeer van elkaar verschillen, hoewel er een globale lijn aan te duiden is, in die zin dat bepaalde gedragingen, belevingen en gevoelens identiek kunnen zijn"

  • Het is niet gebonden aan een stabiele of labiele persoonlijkheidsstructuur.
  • Het kan op alle leeftijden voorkomen, met een piek tussen 20 en 30 jaar.
  • Het is niet cultuurbepaald (komt in alle samenlevingen voor) en is verspreid onder alle lagen van de bevolking.
  • Het is niet gebonden aan een zekere intelligentie

diversiteit in gestalteDe rol die men te vervullen heeft binnen de familie en in de maatschappij wordt zowel genetisch als cultureel bepaald. De genetische factor wordt bij de geboorte verraden door de vorm van de geslachtsorganen: men is een jongen of een meisje. De ouders herkennen aan de geslachtsorganen de genen: mannelijk of vrouwelijk. Zij plaatsen het kind dan in de rol die bij het biologische geslacht past, opdat het later goed weet hoe het zich te gedragen heeft tegenover anderen. Tegen de tijd dat het kind er zich van bewust wordt een identiteit - een eigen ik - te bezitten is zijn toekomstige rol door het milieu/gezin al volledig vastgelegd; jij bent een jongen; jij bent een meisje. Alle grovere of subtielere nuances die met het man- of vrouwzijn samengaan worden het kind aldus bijgebracht. Aan toeval of twijfel wordt niets overgelaten.

Gendervariante gevoelens zijn vaak reeds aanwezig vanaf de vroegste jeugdjaren: de jongen "voelt" zich een meisje, het meisje "voelt" zich een jongen. Dit uit zich op allerlei wijzen: in het speelgedrag van het kind, in de voorkeur om met leeftijdgenootjes van de andere sekse om te gaan, in de voorkeur om de kledij van de andere sekse te (mogen) dragen. In deze periode worden de gevoelens die het kind aldus tot uiting brengt doorgaans niet ernstig genomen. Men denkt dat het slechts een tijdelijke bevlieging is en dit er wel zal uitgroeien naarmate het kind ouder wordt.

In de adolescentiejaren - wanneer de lichamelijke ontwikkeling tot man of vrouw in een versneld tempo op gang komt - komen de conflicten pas goed op gang. De transseksuele jongen of meisje begint zich dan vaak erg wanhopig te voelen en niet in staat de ongewenste lichamelijke evolutie tegen te gaan, noch te aanvaarden. Het innerlijke conflict laait vaak erg hoog op in deze periode. Het zich geen blijf weten met zichzelf en met zijn/haar identiteit leidt sommigen tot suïcidale gedachten. Er is immers geen oplossing of remedie in het vooruitzicht en men acht het niet voor mogelijk het verdere leven op deze manier te moeten slijten. Sommigen trekken zich helemaal terug en leiden een eenzaam bestaan zonder vooruitzichten. Anderen zwichten voor de maatschappelijke druk en trachten zich neer te leggen bij het feit dat de natuur hen nu eenmaal ‘het verkéérde geslacht meegaf’. Men voelt zich opgesloten in zijn/haar eigen lichaam en beseft hoe hopeloos dit verlangen is. Zij of hij beseft dat het welhaast een onmogelijke opgave is haar zekerheid een vrouw te zijn in een mannenlichaam of zijn zekerheid een man te zijn in een vrouwenlichaam in werkelijkheid te realiseren.

Vanuit dit besef trachten sommigen zich bij de situatie neer te leggen. Enkelen gaan hierbij zover dat zij in het huwelijk treden en een gezin stichten in de hoop op en in de veronderstelling dat zij hierdoor wel verzoend zullen raken met hun biologische geslacht. Doch, uit de vele verhalen van transseksuele personen die in dergelijke situaties zijn terechtgekomen blijkt dat de genderidentiteit zich niet zo gemakkelijk "gewonnen" geeft. Op latere leeftijd komen deze mensen vrijwel steeds tot de kern van hun probleem terug. Ze beseffen dat al hun pogingen zich bij hun biologische geslacht neer te leggen tot niets hebben geleid. In hun poging en verwardheid hun eigen identiteit te ontdekken vragen sommigen zich een tijdlang af of zij dan misschien een homo of lesbische voorkeur hebben. Het toevallig in handen krijgen van literatuur over transseksualiteit of erover horen via andere media betekent voor velen een ommekeer in hun leven. Men herkent zichzelf in de beschrijving van de thematiek en in de verhalen van anderen en weet voor het eerst met zekerheid wat er met zichzelf aan de hand is. Groot is ook de opluchting om vast te stellen dat er nog anderen zijn die met deze zelfde gevoelens kampen heeft, dit in tegenstelling tot wat men lang verondersteld had.

Gewijzigd op ( Monday, 30 June 2008 )